Benoeming en salaris

De gemeenteraad stemt over de voordracht van een wethouder door een partij en benoemt de wethouders voor vier jaar. De hoogte van het salaris en de onkostenvergoeding zijn afhankelijk van het aantal inwoners. Wethouders kunnen in deeltijd worden benoemd. Een wethouder mag geen andere vergoedingen ontvangen, dan die bij wet mogelijk zijn gemaakt. Eventuele inkomsten uit nevenfuncties waarin de wethouder als gevolg van zijn wethouderschap wordt benoemd, dienen in de gemeentekas te vloeien. 

Aftreden

Als de raad oordeelt dat de wethouder  zijn werk niet naar behoren doet, moet de wethouder aftreden. Daarnaast kunnen zich tal van andere redenen voordoen, die ertoe leiden dat een wethouder aftreedt.

Iedere wethouder heeft bij zijn aftreden recht op wachtgeld en een sollicitatieplicht tot zijn 65e jaar. Het uitgangspunt is dat de wethouder hierbij planmatig wordt begeleid (bijvoorbeeld door een outplacementtraject). Door deze begeleiding extern te beleggen wordt verzekerd dat de begeleiding niet beïnvloed wordt door politieke processen. Voor de kosten daarvan heeft de wethouder (ten laste van de gemeentekas) een éénmalig recht op een vergoeding van maximaal 20% van zijn bezoldiging (gerekend over een jaar). Deze begeleiding en ondersteuning kan ook verplicht worden gesteld door de gemeente als er naar haar  oordeel sprake is van een grote afstand tot de arbeidsmarkt.

De vergoeding van de verplichte planmatige begeleiding en ondersteuning komt dan ten laste van het bestuursorgaan en is niet gemaximeerd.

Uitkering bij aftreden

Bij aftreden heeft een wethouder recht op een uitkering die ten laste komt van de gemeente. Dit is geregeld in de Algemene Pensioenwet Politieke Ambtsdragers (Appa). De reden van ontslag is voor het verkrijgen van een uitkering niet van belang. Ook als de wethouder zelf ontslag neemt en zelfs in het geval dat hij ontslag krijgt vanwege schending van de regels der integriteit heeft een wethouder recht op een uitkering.

De duur van de uitkering is afhankelijk van  de periode waarin hij politiek ambtsdrager is geweest (dus niet slechts het wethouderschap is bepalend). Meestal zal de duur variëren van zes maanden tot drie jaar en twee maanden. Voor wethouders van 55 jaar en ouder geldt een aparte regeling.

De hoogte van de uitkering is in het eerste jaar 80% en daarna 70% van het laatst verdiende salaris. Nieuwe of hogere inkomsten worden op de uitkering in mindering gebracht. De systematiek van de verrekening is dat voor zover de som van de inkomsten en de uitkering het laatstgenoten salaris overschrijdt, het meerdere wordt verrekend.

Pensioen

Op het salaris van wethouders wordt pensioenpremie ingehouden. Deze wordt niet gestort in de kas van een pensioenfonds maar in de kas van de gemeente. Gemeenten hebben de taak een voorziening te vormen, maar dat wordt niet altijd even voortvarend opgepakt. Wethouders kennen overigens geen ongevraagd ontslag bij het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd. Blijft de wethouder ook bij het bereiken van de 65-jarige leeftijd onafgebroken werkzaam, dan gaat het pensioen pas in na zijn aftreden.

Bron: website Binnenlandsbestuur

 

Terug
 

Uw carrière consultants

Consultant carrière management  Carrière management coach

"Ooit gekozen, nu zelf kiezen"

Romeo Charmes en Bert Moolhuizen
wethouders@ypsylon.nl 0592 - 308458